‘U gaat een grens over’

Op 22 april jongstleden vindt er een opmerkelijk moment plaats in de Tweede Kamer. Fractievoorzitter Marijnissen is aan het oreren en doet de volgende uitspraak: ‘Ik zou het nou zo fijn vinden als het enthousiasme en de bevlogenheid waarin er nagedacht wordt over die app en gewerkt wordt aan die app, dat dat er ook zou zijn voor het opstarten van het produceren van beschermende materialen in eigen land.’ In Vak-K wordt Rutte boos. Hij voelt zich geroepen om in te grijpen en zegt ‘u gaat een grens over’. In het tweede termijn gaat Rutte er opnieuw op in. ‘De Jonge werkt dag en nacht aan mondkapjes, testen en andere zaken’, zegt Rutte ter verdediging. Marijnissen krabbelt terug en stelt gauw een paar andere vragen. Dit is één voorbeeld van de momenten waarop linkse oppositiepartijen deze crisis misbruiken om zichzelf te profileren en het kabinet en de coalitie tegen te werken. Het moet eens afgelopen zijn!

Covid-19 is naast een gevaar voor de volksgezondheid ook een gevaar voor de economie, stabiliteit van de EU, rechtsgang en vele andere zaken. Op dit moment hebben we doortastende leiders in de politiek hard nodig. Met Mark Rutte aan het roer en een enorm scala aan experts is dat op dit moment goed regelt. Het kabinet schroomt niet om ingrijpende maatregelen, zoals het afgelasten van het betaald voetbal, te nemen. Overal duiken de ‘duivelse dilemma’s, zoals Rutte ze graag bestempelt, op. De economie moet weer op gang komen, maar we willen geen tweede piek. Besluiten moeten snel genomen worden, maar we willen niet overhaast reageren. Toch vinden een aantal linkse partijen dat er consequent de verkeerde keuze gemaakt wordt. Het kabinet lijkt het nooit goed te kunnen doen.

Doordat Covid-19 zoveel verschillende ministeriële portefeuilles raakt is het momenteel in Den Haag alle hens aan dek. Ministers en hun duizenden ambtenaren hebben geen tijd voor randzaken of gezeur. Dit is echter wel waar vooral Marijnissen (SP), Klaver (GroenLinks) en Azarkan (Denk) zich op dit moment mee bezig houden. Wanneer men goed naar Marijnissen luistert gaat men zich vanzelf afvragen of ze nou echt hoopt dat er duizenden doden vallen. Ze is immers voor een snellere versoepeling. Niet te vergeten, het lijkt alsof ze per se wil dat de banken en KLM omvallen. Voor de SP is staatsteun voor multinationals, zelfs wanneer we ze zo hard nodig hebben, uit den boze. Wanneer de VVD dan een motie schrijft dat gaat over het beschermen van flexwerkers stemt ze alsnog tegen. Je kunt je dan afvragen voor welke arbeiders/werkgevers ze wél is.

Klaver idem dito. Waar hij voor de crisis binnen VVD- en JOVD-kringen nog geprezen werd voor zijn open houding naar het kabinet, is daar nu weinig meer van over. Het was de heer Klaver die tijdens de Algemene Politieke Beschouwing opriep om geen score bij te houden wat het kabinet betreft. Daar lijkt hij nu volledig op teruggekomen te zijn. In hetzelfde debat van 22 april interrumpeert hij meerdere malen met de mededeling dat Rutte zijn vragen niet beantwoordt en dat er allerlei valse beloften gedaan worden door het kabinet wat aanstaande debatten betreft. Rutte pareert deze vragen snel en legt nog een keer uit hoe hij de vragen wel degelijk al heeft beantwoord. Ook Klaver besluit dan snel een extra, nieuwe, vraag te stellen en daarna te gaan zitten. Bovendien sluit Klaver zich graag aan bij de kritiek van mevrouw Van Koten-Arissen dat ‘ze zo weinig informatie krijgen’. Deze kritiek is geheel onterecht. Wekelijks is er een technische briefing en een debat. Daarnaast beantwoordt minister De Jonge overige vragen in zijn brief naar het kabinet en komen adviezen van het OMT altijd direct online. Klaver besluit toch vol te houden en eist vaker een rapport en onderzoeken met meer diepgang. Het lijkt hem niet uit te maken dat het hele Haagse ambtenarenapparaat al overuren draait.

Azarkan is hard op weg om Marijnissen als ‘minst constructieve politici’ in te halen. Hij moet zich natuurlijk bewijzen nu hij de fractievoorzitter is van Denk. Dit heeft hij verstaan als ‘ik moet zoveel mogelijk op RTL Nieuws komen met (onzinnige) kritiek op Rutte’. Hij presteert het zelfs om dezelfde vraag eerst aan Rutte te stellen, dan aan Van Dissel tijdens de technische briefing en vervolgens aan De Jonge opnieuw. Natuurlijk krijgt hij drie keer hetzelfde antwoordt, maar ja: hij moest op RTL Nieuws komen.

Linkse oppositiepartijen die het wél goed doen zijn er ook. Zo heeft mevrouw Ouwehand (Partij voor de Dieren) meerde malen aangegeven niet te veel vragen aan het ministerie van VWS te willen stellen, omdat ‘die het al druk genoeg hebben’. Asscher (Partij van de Arbeid) komt momenteel als winnaar uit de bus. Zijn constructieve houding uit hij door moties aan te houden, akkoord te gaan met de beperkte informatie die beschikbaar is en alleen relevante vragen te stellen.

Wat heeft dit dan voor gevolg in de peilingen? Hoewel de betrouwbaarheid van peilingen af en toe wat te wensen overlaat kunnen er toch zachte conclusies uit getrokken worden. PvdA staat momenteel op 15 zetels, GroenLinks op 14, SP op 7, Denk op 2 en PvdD op 6. PvdA zit nu met 9 zetels in de kamer (+6), GroenLinks met 14 (±0), SP met 14 (-7), Denk met 3 (-1) en PvdD met 5 (+1). Alleen PvdA en PvdD stijgen dus. Een constructieve houding lijkt dus beter te zijn voor de peilingen. Overigens staat de VVD momenteel op 1 in de peilingen met 35 zetels (+2). (Peiling per 1-04-2020).

Waarom zijn sommige linkse oppositiepartijen dan zo negatief? Het is moeilijk om daar een antwoord op te geven. De peilingen lijken geen motief, aangezien ze het daar juist minder goed in doen. Een goed mogelijke oorzaak kan gevonden worden in ‘media-aandacht’. Huidige regeringsleiders doen het momenteel vrijwel over de hele wereld goed in de peilingen. Eén van de redenen hiervoor is de enorme media coverage die ze krijgen. Rutte c.s. zijn continu in het nieuws en verslaan zelfs ruim Chauteau Meiland in de kijkcijfers. De oppositiepartijen moeten dus wel af en toe over de grens gaan om op te vallen.

Gelukkig is zelfs de eigen achterban van deze partijen het daar niet mee eens en dalen partijen hard in de peilingen, zoals de SP die 50% van haar zetels dreigt te verliezen. Nederland heeft behoefte een duidelijkheid en sterke leiders. Gesteggel en aconstructivisme horen hier niet bij. Het staat buiten kijf dat de oppositiepartijen het recht hebben het kabinet te controleren en vragen te stellen. Een aantal linkse oppositiepartijen zijn echter nu voornamelijk bezig met zichzelf te profileren als partijen die tegen het kabinet durven in te gaan. Daar is het nu in een crisis geen tijd voor. Alle partijen moeten een constructieve bijdrage leveren aan het oplossen van de crisis. Het beschermen van de volksgezondheid moet het doel zijn van iedere volksvertegenwoordiger. Daarom moeten sommige linkse oppositiepartijen hun houding onmiddellijk veranderen. Houd het kabinet scherp, maar belemmer haar niet in de bestrijding van het virus!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.